Also Available in:

10 Antwoorden van Bijbelse creationisten: Deel 2

door ,
vertaald door George Van Apeldoorn

Gepubliceerd: 26 Februari 2019

Voordat u het volgende leest, raden wij u sterk aan om eerst onze ‘Inleiding’ en anwoorden op de eerste 5 vragen van Ds. Michael Roberts te lezen (Deel 1)

6. Waarom veronderstel je dat de dood van dieren pas begon nádat Adam het fruit gegeten had?
13244-eden-on-bones
De zonde van Adam is de reden voor al het sterven in de wereld. Een samenhangend bijbels antwoord wijst erop dat de dood een indringer is, dus geen onderdeel van God’s originele schepping, maar is uiteindelijk het gevolg van de zonde van de mens.

Er wordt hier geen veronderstelling gemaakt, maar veeleer dat de Schrift duidelijk leert dat de dood kwam als resultaat van de Zondeval.

Theoretisch wordt gezegd dat, vanwege het feit dat er geen dieren stierven vóór de Zondeval, de aarde daarom jong moet zijn. Maar eigenlijk zegt Gen 3 niets over dieren en of ze slechts na de val stierven. Dit is Genesis ingelezen. Het komt van John Milton’s episch gedicht “Het Verloren Paradijs” (Paradise Lost) en behoort geen onderdeel te zijn van het Christelijk geloof.

In de eerste plaats is het niet een of andere ‘theorie’ maar de optekening van de geschiedenis van de Bijbel en op die geschiedenis gebaseerde theologie, die zegt dat de dood ná de Zondeval kwam, vanwege de vloek die op de schepping was geplaatst als resultaat van de zonde van Adam. Gen 1: 30 zegt duidelijk dat de dieren herbivoren waren voor de Zondeval, en geen carnivoren. Bovendien heeft het eerste bericht van bloed vergieten betrekking op zonde. God zelf kleedde Adam en Eva met dierenhuiden (Gen. 3: 21), vooruitlopend op de verzoening van Christus met het vergieten van zijn bloed (Heb. 9:22). De theologie van de apostel Paulus was afhankelijk van de geschiedenis van de Bijbel, door te erkennen dat het verspreiden van de dood naar alle mensen het resultaat was van de zonde van Adam. Niet alleen de mensheid maar de gehele schepping leed onder de gevolgen van zonde, inclusief dieren. In een hoofdstuk waarin hij de redding van de zonde bespreekt, omschrijft Paulus de gehele schepping “kreunend” en “ondergeschikt aan ijdelheid” en lijdend onder de “ketenen van verderf” (Rom. 8: 20–22).

De Schrift zelf geeft aan dat er geen dood van de nephesh chayyāh schepselen was vóór de Zondeval. Michael Roberts zegt dat het geloof dat de dieren slechts stierven ná de zondeval “geen onderdeel van het Christelijk geloof” zou moeten zijn (omdat het naar verluiden afkomt van het gedicht uit 1667 van John Milton, “Paradise Lost”). Dit denken verraadt een (moedwillige) onwetendheid van hetgeen wat de Kerk Vaders onderwezen, gebaseerd op de Schrift, hetgeen hieronder wordt besproken in antwoord op Roberts’ volgende vraag. Inderdaad gaf “Het Verloren Paradijs” het algemeen geloof van de Kerk van die tijd weer, hetgeen zijn bewering (volgende vraag) ondermijnt dat ons “jonge aarde” gezichtspunt een of andere recente uitvinding is.

7. Is het jonge aarde creationisme de traditionele Christelijke zienswijze?

‘Ja’, maar het enige haarkloven hier is dat 6.000 jaar vanuit een Bijbels perspectief niet als ‘jong’ wordt beschouwd (zie vraag 4 in Deel 1). Het is slechts jong in tegenstelling tot het wereldlijke idee van miljarden jaren. De traditionele mening is echter zonder twijfel dat de leeftijd van de Aarde slechts duizenden jaren is.

upload.wikimedia.orgChurch-Fathers
De Kerk Vaders hingen allen een recente bovennatuurlijke schepping aan.

De vroege Christenen tot aan 1800 toe, waren niet duidelijk over de leeftijd van de aarde, aangezien dat afhing van hoe letterlijk ze dachten dat Genesis was en ze geen geologisch bewijs hadden om hun te leiden. Later, toen geologie een oude aarde begon te tonen, accepteerden de meeste Christenen dat omdat het geen gevolg had voor Christelijke leerstellingen. Vanaf 1850 waren er erg weinig Christenen voor een jonge aarde en het is slechts voor enigen van hen terug gekomen in de 1960 jaren, met de komst van het jonge aarde creationisme in ‘De Genesis Vloed’ van Morris en Whitcomb.

In Michael Roberts’ introductie veklaart hij, “Voor de laatste 2000 jaar hebben de meeste Christenen niet in een jonge aarde geloofd en het is slechts gedurende de laatste halve eeuw dat het een grote kwestie is geworden voor sommige Christenen.” 1

Dit is een flagrante misrepresentatie van de Kerk geschiedenis! Het geloof in een recente schepping was de standaard historische positie van de Kerk vanaf de eerste eeuw helemaal tot aan het tijdperk van Darwin toe. Het is geen overdrijving te stellen dat alle Kerk Vaders, zoals Augustinus, geloofden in een recente schepping minder dan 6000 jaar geleden.2 Anderen omvatten, Calvijn, Basil, Chrysostom, Irenaeus, Theophilus van Antiochië, Gregory van Nyssa, Athanasius, Panagiotes Nellas, Origin en Sint Ambrosius—die ook leerden dat de vloed van Noach wereldwijd was. Hier is zo uitgebreid commentaar op geleverd, dat er geen excuus is voor dit soort geschiedkundige verzinselen (zie verder, Dogma en Genesis (Orthodoxy and Genesis): wat de vaders werkelijk leerden, de vroege kerk geloofde Genesis zoals geschreven).

De implicatie dat het geloof in een recente schepping op de een of andere manier een moderne afdwaling is zeer onhoudbaar. Het idee dat er geen “geologisch bewijs was om Christenen te leiden” wordt tegengesproken door het feit dat de schriftuurlijke geologen van die tijd (zie volgende sectie) mensen waren die uitmuntende geologische expertise bezaten. Ze werden echter genegeerd door gevestigde instellingen (van wie er velen deïsten waren) die de academische trend van Hutton en Lyell’s uniformitarianisme volgden.

Roberts’ laatste opmerking dat bijbels creationisme na 1850 de minderheid vormde is jammer genoeg juist (met name onder theologen en vele wetenschappers, alhoewel de Christelijke bevolking als geheel meer getrouw bleef aan het historische begrip van Genesis). Daarom zijn we dankbaar voor de publicatie van Morris en Whitcomb’s De Genesis Vloed (The Genesis Flood) in 1961 dat velen geholpen heeft om het geloof in de betrouwbaarheid van de uitspraken van de Schrift t.a.v. geschiedenis van de Aarde te doen herleven, en geholpen heeft om de moderne schepping’s beweging op gang te brengen. Maar wanneer het aankomt op ‘wat iedereen gelooft’ is overeenstemmings wetenschap geen (goede) wetenschap. De meerderheid kan het inderdaad verkeerd hebben, de geschiedenis van de wetenschap onderschraagt.

8. Waren de vroege geologen tegen het Christendom en gebruikten ze hun geologie om het geloof te ondermijnen?
WikipediaNicholas-Steno
Nicholas Steno de vader van de geologie, verdedigde het bijbels geloof in schepping en de Vloed van Noach.

Nee, sommige vroege geologen waren bijbelse creationisten en zagen geologie door de lens van de Schrift, zoals onderstaand besproken.

Ik was eens op een excursie met een atheïstische geoloog en terwijl we aan de praat raakten zei hij dat geloof in een oude aarde tot atheïsme leidt. Wij argumenteerden en bereikten niets! En toch, als je de geschiedenis van geologie leest vind je spoedig veel geologen die Christenen waren, van Steno af in 1680 af tot aan vandaag toe.

Deze vraag grenst aan de denkfout van generalizatie, waar Roberts suggereert dat de meningen van alle vroege geologen gelijk waren en dat ze een ‘jonge aarde’ afwezen. Terry Mortensen in zijn boek [The great turning point]3 geeft gedetailleerde beschrijvingen van zeven ‘Schriftuurlijke Geologen’ die bezwaren hadden tegen de ‘oude aarde’ (diepe tijd) theorieën (zie ook De 19e eeuwse schriftuurlijke geologen: historische achtergrond). Echter in de tijd van Charles Darwin begon het snel ontwikkelende gebied van geologie zich af te scheiden van de Schrift. Als gevolg begonnen vele vroege geologen (zelfs sommige Christenen) het wereldlijke uniformitarianistische denken na te streven. Triest dat zij toen “doelbewust dit feit over het hoofd zagen, dat ………de wereld uit water was gevormd……door het woord van God, en……de wereld die toen bestond overspoeld was met water en verging”(2 Pet. 3: 5–6).

Roberts verhaalt een persoonlijk gesprek waarin een atheïstische geoloog zegt, ‘geloof in een oude aarde leidt tot ’. Terwijl dit niet altijd het geval is, kan het evolutionistische denken dat diepe tijd vergezelt, tot atheïsme leiden. Maar geloof in diepe tijd valt niet samen met geloof in de authoriteit en onfeilbaarheid van de Schrift, hetgeen mogelijkerwijs gevolgen hebben voor Christenen die schipperen met zulke opvattingen. Nog belangrijker is wanneer Roberts probeerde de verklaring van de atheïst te betwisten, hij toegeeft dat hij “niets bereikte” Dit is ironisch, met name waar Roberts ons vertelt dat we in ‘miljarden jaren’ moeten geloven omdat betogen voor een Aarde die 6000 jaar oud is, ongelovigen ontmoedigt. Toch is Richard Dawkins een eerste klas voorbeeld van hoe een gecompromitteerde weergave van de Schrift er niet in slaagt om de atheïst te imponeren. In plaats van mensen het naar de zin te maken, moeten Christenen niet eerst God’s Woord volgen en vertrouwen? “Vertrouw op den Heere met uw ganse hart, en steun op Uw verstand niet” (Spr. 3: 5). We moeten ons zelf afvragen ‘Wanneer we voor onze Schepper en Rechter staan, wat belangrijker zal zijn. Dat we het de mensen naar de zin hebben gemaakt of God?’

CMI bevestigt dat iemand een geoloog kan zijn en een Christen (zij het dan dat een creationistische geoloog een afwijkend wereldbeeld zal hebben in vergelijking met een seculiere geoloog). Daarom gebruikt CMI personeel die werken in, of gewerkt hebben in geologie en aanverwante vakgebieden (en tevens in vele andere disciplines). Het noemen van Steno door Roberts is van belang omdat Nicholas Stenode vader van de geologie een eerste klaar voorbeeld is van een geoloog die een Christen was en die vasthield aan het bijbelse begrip van de Schepping en de Zondvloed zoals opgetekend in Genesis (d.w.z. letterlijke, historische gebeurtenissen). En hij gebruikte dit raamwwerk in zijn geologische uitleg. Dit is iets dat Roberts gefaald heeft om te vermelden toen hij een beroep deed op de naam van Steno.

9. Waren Christenen in het verleden gekant tegen oude aarde geologie?

Sommigen duidelijk wel, zoals vermeld onder vraag 8.

Van mijn oppervlakkige kennis van wetenschaps boeken en over geloof en wetenschap dacht ik dat Christenen gekant waren tegen geologie. Maar ik ben van mening veranderd toen ik een geschiedkundige studie deed. Over verscheidene decennia heb ik deze vraag nagevorst en oude theologie boeken, journalen en honderden boeken gelezen. Ik moest van mening veranderen. Ik vond uit dat in de 17e eeuw Christenen in een jongachtige aarde geloofden omdat er weinig geologie was om hen te leiden. Toen geologie meer bestudeerd werd in de 18e eeuw , realizeerden meer en meer geschoolde Christenen zich dat de aarde oud was. Heel weinig Christenen zijn tegen geologie over de laatste paar eeuwen.

Christenen die toegewijd zijn aan het geloof in Gen. 1–11 als historisch blijven gekant tegen een ‘oude aarde’ geologie voor gezonde wetenschappelijke redenen, zoals vele van onze artikelen getuigen. Dit moet echter niet verward worden met verzet tegen geologie op zich, of in wetenschap in het algemeen wat dat betreft. Roberts zegt, “in de 17e eeuw Christenen in een jongachtige aarde geloofden omdat er weinig geologie was om hen te leiden”. We moeten ons dan afvragen waarom historisch gezien, Christenen in een jonge aarde geloofden. Was het echt vanwege onkunde in de aardwetenschappen? Nee, het was het gevolg van de rechtstreeke leerstelling van de Schrift—vastgelegde geschiedenis. Roberts laat hier zijn hand zien, waar hij kennelijk gelooft dat de meerderheids opinie van de moderne wetenschap dit recht door zee verhaal ( en daarmee het bijbelse gezag) overtroeft, zoals bovenstaand aangegeven. Wij moeten echter onthouden dat wetenschap wordt beoefend door feilbare wetenschappers die in een gevallen wereld leven. Experimentele wetenschap is herhaalbaar en observeerbaar (door verschillende mensen op verschillende plaatsen) en hier is er geen strijd tussen degenen die in de Bijbel geloven en degenen die dat niet doen. Maar, zoals we in vraag 4 hebben gezien, de verklaringen van het niet geobserveerde verleden hangen sterk af van de wereldbeschouwing die men aanhangt. Een logisch resultaat van het uniformitarianistische dogma, ‘het heden is de sleutel tot het verleden’, is een afwijzing van de bijbelse leerstellingen over de Schepping en de wereldwijde Vloed.

Michael Roberts insinueert dat bijbelse creationisten ongeschoold zijn en tegen wetenschap. Wij hebben al aangetoond dat dit ver van de waarheid is met betrekking tot de CMI sprekers CMI sprekers (goed over de veertig op het tijdstip dat dit werd geschreven, inclusief velen met doctoraten in wetenschappelijke achtergrond).

10. Waarom beweert u dat zoveel geologen van de laatste 350 jaar hun geologie verkeerd hebben?

We weten niet zeker waar Michael Roberts zijn getallen van “250 jaar” (onder vraag 2) en nu , “350 jaar” vandaan haalt. In het eerste geval nemen we aan dat hij verwijst naar de publicatie in 1788 van James Hutton’s Theorie van de Aarde (Theory of the Earth) van 230 jaar geleden. Hutton’s publicatie was een filosofische impositie op de rotsen. Het was niet gebaseerd op uitgebreide praktijkwaarnemingen over vele jaren, maar op een ongegronde extrapolatie het verleden in. Deze uniformitarianistische toepassing was een vervolg op zijn à priori naturalisme hetgeen, nadat Hutton’s werk door Charles Lyell aanbevolen werd het, heersende gezichtspunt werd waarmee geologie sindsdien altijd wordt uiteengezet. Uiteindelijk komt het neer op een zaak van gezag. Hutton and Lyell waren beiden anti-Bijbel deïsten (die onder invloed stonden van vrijmetselaars geloof). Zij hebben de ‘rotsen niet gelezen’ maar waren erop gericht om de geschiedkundige geloofwaardigheid van de Bijbel dat in de tijd van Hutton was aanvaard teniet te doen. Hun doel werd met kunstgrepen bereikt.

Ik weet niet hoeveel geologen de rotsen en rotslagen hebben bestudeerd over de laatste 350 jaar. Heden ten dage zijn er 12000 leden van de Geologische sociëteit van Londen en dus moeten er over de 100.000 gekwalificeerde geologen zijn in de wereld. Allen, behalve zo’n 20 tot 30 ‘jonge aarde’ geologen aanvaarden de enorme leeftijd van de aarde.

Ongetwijfeld maken geologen vandaag fouten en deden ze dat ook in het verleden. Ik kan een dozijn voorbeelden geven van Darwin alleen. Maar zijn fouten en die van andere geologen zijn miniem. Tot nu toe heeft geen ‘jonge aarder’ een bewijs tegen geologische tijd gegeven dat enige geldigheid heeft.

Het is belangrijk om op te merken dat het inbrengen van getallen in de verkeerde rekensom altijd een verkeerd antwoord oplevert, ongeacht de kundigheid van de wiskundige. Zo betwijfelen bijbelse creationisten de kundigheid van de wereldlijke geologen ook niet, maar wij dagen het paradigma uit waarin zij werken (de ‘verkeerde rekensom’ geeft altijd verkeerde resultaten). Het is veilig te zeggen dat alle seculiere geologen geloven dat de aarde ongeveer 4,5 miljard jaar oud is. Zoals we gezien hebben wordt deze ‘leeftijd’ de Bijbel ingelezen, en niet in de Bijbel gelezen. Het doet er niet toe hoeveel geologen de rekensommen doen, de verkeerde rekensom resulteert altijd in het verkeerde antwoord.

Indien Roberts gelijk heeft om te impliceren dat de meerderheid altijd gelijk heeft, is het nog belangrijker te vragen waarom Jezus dan zei, … “Gaat in door de enge poort; want wijd is de poort, en breed is de weg, die tot het verderf leidt, en velen zijn er, die door dezelve ingaan; Want de poort is eng, en de weg is nauw, die tot het leven leidt, en weinigen zijn er, die denzelven vinden”. Mt. 7: 13–14 We hebben al duidelijk gemaakt dat de waarheid niet door de meerderheid wordt beslist. Roberts geeft toe, “Geologen maken vandaag fouten en ze deden dat ook in het verleden”—precies, en daarom moeten wij ze daarover ondervragen. Vele wetenschappers in hun tijd (en vele van hun volgelingen) waren ervan overtuigd dat ze gelijk hadden in de een of andere kwestie, totdat ze later werden gedwongen om hun verhaal te veranderen om nieuwe feiten te doen passen dat de meerderheid van de geologen niet in de Bijble geloven, is het een dwaze raadgeving om hun woord over dat van Jezus te accepteren. (Mk 10: 6). Maar als seculiere geologen gelijk hebben, dan is de mensheid pas onlangs ontwikkeld. Miljarden jaren zijn vervlogen (zo zeggen zij) voordat de mens ten tonele verscheen. Welke tijdslijn is dan waar? Wat is het uiteindelijk gezag – Het Woord van God of het woord van de mens? (Zie onderstaand schema).

13965-tijdslijn

Roberts’ laatste ongefundeerde opmerking, “geen ‘jonge aarder’ heeft een bewijs tegen geologische tijd gegeven dat enige geldigheid heeft” betekent één van de twee dingen:

  1. Roberts heeft de geologische artikelen niet gelezen (en speciaal de leeftijd van de aarde) die op de CMI website (of andere creationistische websites) staan, want er is overvloedig en toenemend bewijs voor de ware geschiedenis van de Bijbel, of
  2. Hij heeft de geldigheid van alle dergelijke artikelen verworpen omdat ze zijn lange-leeftijd wereldbeschouwing tegenspreken. (‘Verwar me niet met feiten, mijn besluit is genomen’)

Hij kan beslist niet onwetendheid claimen van deze en andere bijbelse creationistische publicaties sinds zijn artikel duidelijk aangeeft dat hij op de hoogte is van dergelijke instellingen en hun gezichtspunten. Sinds dat het geval is moet men een vraagteken zetten bij beide zijn geologisch oordeel en zijn bijbelse uitleg. De lezers van Premier Christianity worden in de oot genomen, als ze gevraagd worden de meerderheid van de geologen te geloven (inclusief Roberts zelf) ondanks het feit dat zij duidelijk de Bijbel tegenspreken.

Gevolgtrekkingen

De belangrijkste doelstelling van Roberts’ artikel (hetgeen deel 1 en deel 2 van dit antwoord teweegbracht) is gebaseerd op twee ondersteunende punten:

  1. De wetenschap begrijpt zaken nu beter dan in het verleden en deze keer hebben ze gelijk.
  2. De meerderheid van de mensen denken dat de aarde miljarden jaren oud is en de meerderheid heeft gelijk. Dat denken ze omdat er naar verluiden, een toename van beschikbare informatie is.

Helaas plaatst dit aangetaste denken dood en lijden lang voordat de mens ‘evolueerde’,4 en in strijd met het duidelijke onderwijs van de Bijbel en de woorden van Jezus Christus. De hoop van het Evangelie houdt in dat wanneer de Here komt om een nieuwe hemel en aarde te maken, Hij dat bovennatuurlijk doet, en geen proces gaat gebruiken dat miljarden jaren van dood en lijden met zich meebrengt.5

Roberts heeft 10 vragen aan ‘jonge aarde creationisten’ gesteld. Nu we deze vragen I-net link beantwoord hebben, (onder veeltallige verwijzing naar CMI artikelen),6 is het nu aan de lezer om het verder te onderzoeken. Jezus zei: “Want een iegelijk,die bidt, die ontvangt; en die zoekt, die vindt; en die klopt, dien zal opengedaan worden” ( Lk. 11:10). Een toename in kennis houdt niet automatisch grotere wijsheid in. Veeleer, “De vreze des Heeren is het beginsel der wijsheid, en de wetenschap derheiligen is verstand” ( Spr. 9:10). De verklaringen van feilbare mensen met hun immer veranderende ideeën kunnen nooit een vaste fundering bouwen waarop men zijn leven kan bouwen, maar God’s Woord, dat nooit verandert, voorziet in de enige zekere fundering waar op gebouwd kan worden.

Referenties en notities

  1. Onbewust spreekt hij zichzelf tegen. Onder vraag 7 zegt hij, “vroege Christenen tot aan 1800 toe, waren niet duidelijk over de leeftijd van de aarde, aangezien dat afhing van hoe letterlijk ze dachten dat Genesis was en ze geen geologisch bewijs hadden om hun te leiden. Later, toen geologie een oude aarde begon te tonen, accepteerden de meeste Christenen dat ….” Terug naar de tekst.
  2. Waar sommigen van hen argumenteerden tegen letterlijke scheppings dagen, was het doel te argumenteren vóór ogenblikkelijke schepping en niet voor inlijving van een enorme tijds duur; zie creation.com/instantaneous-creation, 19 December 2015. Terug naar de tekst.
  3. Mortenson, T., The Great Turning Point: The church’s catastrophic mistake on geology – before Darwin, Master Books, Green Forest, Arizona, p. 55, 2004. Terug naar de tekst.
  4. En hetzelfde geldt ook voor andere ‘oude aarde’ compromissen, zelfs waar de evolutie van de mens wordt ontkend—d.w.z. progressief creationisme. Terug naar de tekst.
  5. Zie ‘All restored … but to what?’, chapter 10 of Bell, P., Evolution and the Christian Faith: Theistic evolution in the light of Scripture, Day One Publications, 2018, pp. 218–239. Terug naar de tekst.
  6. Creation.com heeft nu meer dan 11.000 artikelen over verschillende onderwerpen , met inbegrip van geologie en de leeftijd van de aarde. Terug naar de tekst.

Helpful Resources